Druk op enter om de resultaten te tonen of ESC om te annuleren.

We beginnen bij het begin

De cursus 'Mediawijsheid in een veranderend samenleven' willen we niet klassiek aanpakken. De cursus wordt gevolgd door 38 studenten in de leeftijd van 19 tot 48 jaar. Een mix van 2e jaars bachelor Algemene Cultuurwetenschappen, premasterstudenten Jeugdliteratuur en Kunsten, Publiek en Samenleving, en een tiental 3e jaars studenten Communicatie- en Informatiewetenschappen. Kortom, een vrij grote groep met een wel zeer verschillende achtergrond. Wat te doen?

Het model Didactische Analyse

Volgens de boekjes gaat het formele onderwijs - zeg maar het schoolbankenonderwijs op welk niveau dan ook - uit van een eenvoudig model. De studenten komen binnen en hebben een bepaald beginniveau. In mijn cursus is dat nogal verschillend. Sommigen hebben net de middelbare school achter zich gelaten, en anderen zijn al derdejaars studenten. Ook zijn er een tiental studenten die een HBO-opleiding hebben afgerond en nu deze cursus volgen om in september 2014 toegelaten te kunnen worden tot een masteropleiding. Via mijn cursus wil ik graag dat al deze studenten na afloop bepaalde doelstellingen hebben gehaald. Dan is het klassieke onderwijsleertraject - ik onderwijs en de studenten leren - afgerond.

Dit onderwijsleertraject geef ik vorm door bepaalde leerstof voor te bereiden, een didactische werkvorm te kiezen evenals leeractiviteiten en bijbehorende onderwijs- en leermiddelen, vaak een leerboek en artikelen. Ten slotte bekijk ik aan de hand van een evaluatie in hoeverre de studenten de doelstellingen hebben gehaald. In 1972 illustreerde Van Gelder dit onderwijsleermodel aldus:

 

Model Didactische Analyse van Van Gelder
Model Didactische Analyse van Van Gelder

 

Opmerkelijk is - zeg ik nu - dat ik mijzelf verantwoordelijk heb gemaakt (sommigen zullen zeggen 'verantwoordelijk ben') voor alle onderdelen van dit onderwijsleertraject. En dat de studenten zich dienen te schikken naar alles wat ik tevoren met de allerbeste bedoelingen en zo creatief mogelijk heb voorbereid. Hoewel het hun aangaat, hebben ze zelf geen enkele verantwoordelijkheid voor het leerproces dat ze te wachten staat. Ze ondergaan het en hopen, dat ik een goede docent ben die de leerstof inspirerend kan overbrengen, zodat ze zich niet vervelen of op hun tenen moeten lopen. Die on-verantwoordelijkheid werkt in de hand dat studenten meestal niet zelf iets willen leren, maar slechts een vak willen halen. Wie kan het ze dat kwalijk nemen in deze on-verantwoordelijke, schoolse situatie?

De beginsituatie

De mijzelf opgelegde verantwoordelijkheid begint al bij het allereerste begin. En laat ik het maar meteen toegeven: uitgaan van een pluriforme beginsituatie is in mijn onderwijs altijd een wassen neus gebleken. Tientallen jaren schatte ik het beginniveau van mijn studenten zo'n beetje in door in het eerste college lukraak wat vragen te stellen in de trant van "Wie heeft ooit gehoord van ...?" of ze te provoceren met opmerkingen als "Iedereen weet natuurlijk, dat ...". Consequenties verbond ik nauwelijks aan mijn inschatting. Ik ging eenvoudig uit van een wilde gissing en na dertien weken bleek uit de evaluatie, dat sommige studenten mij konden volgen, een aantal zich verveelde en een aantal op hun tenen moest lopen om de leerstof te kunnen begrijpen. Ook een ingangstoets of -quiz leidde niet tot een aangepast programma, waarin ik inspeel op de verschillende individuele beginsituaties.

Dit lijkt erg op al die lezingengevers die voor de vorm in het begin van hun voordracht een paar vragen het publiek in gooien om vervolgens, onafhankelijk van wat wordt geantwoord, hun voorbereide verhaal af te steken. Een goeie vraag volgt hieruit: waarom schrap ik  in hemelsnaam die 'beginsituatie' dan niet als ik toch uitga van een gemiddelde, uitga van een intuïtief ingeschat beginniveau van de studenten?

Dublin descriptoren

De retorisch bedoelde vraag wordt evenwel zinloos, wanneer ik een ander perspectief hanteer. Waarom zou ik zelf de beginsituatie van iedere student moeten inschatten? Een onmogelijke opgave immers.  Waarom laat ik niet iedere student zelf zijn eigen beginsituatie beschrijven? En waarom laat ik haar niet zelf bedenken waar h/zij aan het slot van de cursus wil staan? Dat hebben we gedaan. Ik gebruik hiervoor de zogenaamde Dublin descriptoren (2001-2004), Europese afspraken over eindtermen van opleidingen, ooit bedoeld om internationale uitwisseling te vergemakkelijken. Hoewel de descriptoren de eindtermen van een curriculum willen formuleren, hanteer ik ze ook graag om de leerdoelen van een cursus vast te leggen. Ze bestaan uit twee categorieën: inhouden en vaardigheden. In deze blog richten we ons op de vaardigheden. De Dublin-descriptoren onderscheiden er drie, die ik als volgt heb ingevuld:

1. Oordeelsvorming
- Je bent  in staat te komen tot een gewogen eigen oordeel over concepten in verband met een veranderend samenleven en mediawijsheid.

- Je bent in staat uitingen van collega-studenten te beoordelen op formele en inhoudelijke gronden.

- Je bent in staat jezelf te beoordelen in het kader van de geformuleerde leerdoelen.

2. Communicatie
- Je kunt verworven kennis, inzichten, toepasbaarheid en resultaat van je oordeelsvorming op enigerlei wijze presenteren aan docent en medestudenten. Denk hierbij aan het schrijven van een academische blog, een referaat ondersteund door prezi en/of power point, iBook, eTijdschrift, klassiek werkstuk, etc.

3. Leervaardigheden
- Je  maakt je een academische houding eigen die gericht is op de toekomst: analytisch en probleemoplossend vermogen; creatief, projectmatig en zelfstandig denken en werken; van perspectief kunnen wisselen; je bent in staat tot kennis delen.

Do-It-Yourself

De eerste stap om studenten mede-eigenaar te laten worden van hun leerproces is nu gereed.  Zij beschrijven zelf hun beginsituatie en geven aan waar zij aan het einde van de cursus willen staan als het gaat om vaardigheden. Dit is de eerste opdracht. Ze kunnen de door mij geformuleerde leerdoelen natuurlijk wijzigen en aanvullen. Wie bijvoorbeeld het maken van een Prezi-presentatie al beheerst, hoeft dat niet meer als communicatief leerdoel te formuleren.

Iedere student plaatst de formulering van deze leerdoelen in een submap van Dropbox die voor alle andere studenten toegankelijk is. Een verzwegen leerdoel - dat ik nu expliciet maak - is dat studenten ook van elkaar leren. De tweede opdracht luidt dan ook om de leerdoelen van twee mede-studenten van commentaar te voorzien. Dat commentaar kan bijvoorbeeld betrekking hebben op de haalbaarheid van een bepaald leerdoel of het traject om een leerdoel te bereiken.

Wie de leerdoelen op het gebied van vaardigheden bestudeert, merkt dat ze cursus-onafhankelijk zijn geformuleerd. Dat heeft wat mij betreft als consequentie, dat studenten hun geformuleerde leerdoelen ook kunnen bereiken via andere cursussen of in informele onderwijssituaties, zoals werk.

Ten slotte

Met betrekking tot vaardigheden lijkt het vrij eenvoudig om studenten mede-verantwoordelijk te maken. Waarom heb ik dit niet eerder bedacht? Of het ook met de leerstof zo eenvoudig is, moet nog blijken. We zullen zien...

Bibliografie

Gelder, L. van (1972). Didactische analyse. Groningen: Wolters-Noordhoff.

Reacties

18 Reacties

Ger Haan

Hoi Hans,
Een boeiende reis. En mooi dat je met deze groep studenten dit avontuur aan gaat
Hoe zijn jouw leerdoelen er uit tijdens deze reis? Ik wil graag sparren met je hierover.
Groet, Ger

hvdriel

Gaan we doen, Ger. Inderdaad een goeie vraag.

Anke Coumans

Waren studenten er blij mee? Ze worden nu medeverantwoordelijk en kunnen dus niet in de afwachtende positie gaan zitten, een die best comfortabel is voor sommige studenten. Je vraagt veel, en ik ben het er wel mee eens, maar ben toch benieuwd of ze dee paradigmawissel wel aankunnen (ge
zien de wijze waarop ze geprogrammeerd zijn tot nu toe).

hvdriel

Ha Anke, ik zal de studenten vragen naar jouw reactie kijken. Dat sluit meteen mooi aan bij mijn eerdere voornemen om ook studenten te laten meeschrijven aan de blog 'Een geflipte cursus'.

Marlies van Breda

Vorig jaar volgde ik de colleges Mediawijsheid van Hans. In het eerste semester had ik met Hans' werkwijze kennis gemaakt in de colleges Beeldcultuur.

Ik vond het een geweldige manier om met de stof bezig te zijn. In eerste instantie is het verwarrend (het was me niet direct duidelijk wat precies van me verwacht werd), maar gaandeweg vond ik mijn eigen weg en kreeg ik steeds meer plezier in het wekelijks schrijven van een blogbericht en het zoeken naar nieuwe relevante literatuur.

Kennisdeling stond centraal. Hierdoor was de sfeer open: studenten konden hun voorkennis delen, kritische opmerkingen maken over het leerproces en hun eigen verbeterpunten testen in een veilige omgeving.

Deze manier van studeren was voor mij verrijkend. Voor degenen die meer over mijn ervaringen willen lezen, voeg ik het adres van mijn weblog toe:
http://media-eigen-wijsheid.blogspot.nl/

hvdriel

Ha Marlies, dank je wel voor je positieve reactie. Je beschrijft mooi je eigen leerervaring. Ben benieuwd of ook andere studenten zullen gaan reageren.

Pascal Marcelis (@PascalMarcelis)

Mooi initiatief Hans! Ik moet denken aan de term 'stigmergie' die Jan Renkema voor mij introduceerde tijdens zijn afscheidsrede. Weet je iets van 'sociocratie' en 'democratisch onderwijs' (zie: http://www.democratischescholen.nl/)? Waarom noem je tools als Prezi en Powerpoint? Is dat een direct doel? Waarom laat je eenieder niet hun eigen technologie kiezen? Ik ga jullie reis met interesse volgen!

hvdriel

Bedankt, Pascal. De twee tools zijn slechts voorbeelden. Een ieder kan inderdaad zijn eigen technologie kiezen. Zo heb ik issuue.com al langs zien komen. In een latere blog meer hier over.
Je twee voorbeelden ken ik. Bedankt voor het opfrissen!

Tussenspel (1) – Mijn eigen leerdoelen | Een geflipte cursus

[…] het februaribericht ‘We beginnen bij het begin’ beschrijf ik hoe studenten van de cursus Mediawijsheid hun eigen leerdoelen formuleren en die van […]

Josien

Hier nog een reactie van een student.
Beide vakken (Beeldcultuur en Mediawijsheid) waar Hans met onderwijs 3.0 aan de slag gaat volg ik in mijn minor van de studie Communicatie en Informatiewetenschappen.

In het begin voelde het alsof ik in het diepe werd gegooid terwijl ik nog moest leren zwemmen. Langzaam werden dingen me steeds duidelijker, ik ben het dus eens met Marlies dat het in het begin soms wat verwarrend kan zijn.
Zodra het stukje bij beetje duidelijker wordt, ga je deze werkwijze steeds meer waarderen. Al merk ik wel dat ik door de jarenlange ervaring met een andere aanpak vaak nog wel een leidraad nodig heb.

De sfeer in de klas is vaak fijn en bij opdrachten en dergelijke heb je veel aan elkaar. Door kritisch naar het werk van andere te kijken leer je zelf ook.
Het is een kwestie van tijd en gewenning maar dan ben je als student ook echt wel blij met deze manier van werken.

hvdriel

Ha Josien,
Ja, dat is volgens mij precies wat Anke Coumans bedoelde: vanaf het voortgezet onderwijs ben je gewend om onderwijs te krijgen in plaats van aan onderwijs deel te nemen. Op de universiteit is het vaak niet anders. Je vergelijking is dus wel treffend. Tegelijk begrijp ik het risico van doorschieten, van een leidraad missen. Laten we dat in de gaten gaan houden en wijs me er gerust op.

Waarnaar ben jij nieuwsgierig? | Een geflipte cursus

[…] onze vorige blog beschreven we hoe studenten in de cursus Mediawijsheid zelf verantwoordelijk werden voor het […]

Hans van Driel

Nieuwsbrief van Operation Education. Een mooi platform voor onderwijsvernieuwing. Bedankt voor de tip, Marja.

Laat ik studenten colleges verzorgen? | Een geflipte cursus

[…] van een college is niet iedereen gegeven. Wat te doen? Ik besloot ook de andere aspecten van de didactische analyse van Van Gelder te […]

Hoe krijg ik mijn cijfer? | Een geflipte cursus

[…] de didactische analyse van Van Gelder heb ik inmiddels alle onderdelen geflipt op één na, en wel de toetsing. Hoe bepalen we in […]

… ten hele gedwaald | Een geflipte cursus

[…] De studenten formuleren zelf hun formele en inhoudelijke leerdoelen. Waarom zouden studenten niet zelf hun leerdoelen kunnen formuleren, vroeg ik me af? Waar wil je staan in juni als het om de inhouden gaat, en waar wil je staan in verband met presenteren, discussiëren, etc.? Vol goede moed beschreef ik dit proces in We beginnen bij het begin. […]

Hans van Driel

[…] We beginnen bij het begin […]


Laat een reactie achter